Tagarchief: opvoeden

Oefening: Klop je wakker

Soms heb je van die dagen dat je het liefst in je bed blijft liggen. Het dekbed omhoog trekken, je omdraaien en weer in slaap vallen, omdat je zo moeeeeee bent. Nu het weer herfst is, de d589-sprong-samen-kinderen-1920-fotos-voor-therapeutenagen korter zijn, kan jij, maar ook je kind, soms een tekort aan energie hebben. Tijdens deze donkere dagen, kan je soms moe zijn.

Deze oefening kan jou en je kind dan helpen. Je gaat jezelf letterlijk wakker kloppen.

Voor je begint:

  • Ga lekker staan
  • Houd je vuisten en handen ontspannen.
  • Wrijf voor je begint je handen warm.
  1.  Armen
    Maak van je rechterhand een losse vuist.  Klop met die vuist op de binnenkant van je linkerarm. Vanaf je oksel naar beneden naar je pols. Dan klop je weer omhoog langs de buitenkant van je arm tot aan je schouder. Dit doe je 7 keer en dan wissel je van arm.
  2. Geef jezelf een schouderklopje
    Klop met je rechterhand op je linkerschouder. Doe dit ook 7 keer en wissel van arm.
  3. Ontspan je nek.
    Leg je handpalmen in je nek en masseer met je vingers in cirkels je hele nek vna boven naar beneden.
  4. Voel de regen op je hoofd
    Klop met je vingertoppen op je hele hoofd. Begin in het midden en ga van boven naar beneden langs de zijkant van je hoofd. Alsof er een heleboel regendruppels op je hoofd vallen.
  5. Oren
    Masseer  met je duim en wijsvinger de randen van je oren van boven naar beneden. Als je beneden bent , trek je zachtjes even aan je oor.
  6. Gezicht wassen
    Wrijf met allebei je handen over je hele gezicht. Doe dit in cirkeltjes.
  7. Net als een aap
    Klop als een gorilla op je borst. Klopt met twee losse vuisten op je hele borst.
  8. Hongerig buikje
    Klop met losse vuisten op je buik. doe dit in cirkels, met de klok mee. Doe dit 3 keer.
  9.  Wiebelbillenboogie
    Klop nu 7 keer met allebei je vuisten op je billen.
  10. Wiebelknieën
    Zet je handen als kommetjes op je knieën  en draai cirkels met je handen. Dit doe je 7 keer.
  11.  Klopbenen
    Klop met je vuisten op allebei je benen. Vanaf de binnenkant van je benen van je voeten omhoog en weer terug via de buitenkant van je benen. Die doe je 1 keer.
  12. Voetjes van de vloer
    Klop op de onderkant van je rechtervoet met je vuist van je tenen naar je hiel. Doe daarna je linkervoet.

Ben je wakker?

Advertenties

Wat is jouw grens?


Een regelmatig terugkerend onderdeel bij veel sessies is het aangeven van je grenzen. Hoe doe je dat? Veel kinderen, jongeren maar zeker ook ouders vinden dat moeilijk. En als een ouder dit al moeilijk vindt, hoe moeilijk is het dan voor het kind? Maar wat is een grens? Wat is jouw grens? Hoe herken je jouw grens? 

Bij kinderen en jongeren komen we al snel tot het antwoord; een lijn tussen twee landen of een lijn tussen twee provincies. Een lijn die  je niet altijd kan zien. Op de vraag:”Heb jij ook een grens?”, kijken ze meestal even bedenkelijk. Sommigen zeggen aarzelend ja of ik weet het niet.

Met bedrukt schilderstape plak ik een streep op de vloer. “Dit is jouw grens”, zeg ik dan. Ze lopen meteen naar de lijn. Als ik vervolg met: “Jij mag over deze grens, maar ik niet.”Zie je dat sommige bedenkelijk kijken en een stap naar achteren doen. Anderen gaan met armen over elkaar staan of in vechthouding van kom maar op. En je hebt ook een groep dat het liefst meteen al weg wil lopen en aarzelend zegt:”Van mij mag je er wel overheen hoor”.samen-ster

Vluchten, vechten of blijven staan. Dat zijn de reacties die je krijgt te zien in al zijn gradaties. Zeker als ik echt probeer over de lijn te stappen zie je deze reacties nog sterker tevoorschijn komen.

Na deze confrontatie met een harde grens, een zichtbare grens. Laat ik ze ervaren wat een grens voelen is, een onzichtbare grens. Allebei staan we aan een kant in de ruimte en lopen langzaam op elkaar af. Zodra je vindt dat het goed is stop je. de ander (in dit geval ik) loopt door tot het kind of jongere stop zegt. dan vraag i stap naar voren of naar achteren? Ik doe wat het kind vraagt. Ik geef met het afplaktape aan wat de afstand is tussen ons twee. Daarna doen we dezelfde oefening maar zodra het kind of de jongere stopt met lopen, sluit hij zijn ogen. Hij geeft aan wanneer het fijn voelt en niet meer fijn. dan vraag ik weer stap naar voren of achteren en voer dat uit. Ook die afstand maak ik zichtbaar met afplaktape. Als laatste laat ik het kind deze oefening met een van de ouders doen. Eerst met de ogen open, dan met de ogen dicht en daarna wisselen we van rol. de ouder zegt stop. Op die manier leert het kind dat iedereen zijn of haar eigen grens heeft. Zodra iemand over die grens gaat voel je dat, ook met je ogen dicht.

Deze ruimte maken we zichtbaar met een cirkel die het kind om zich heen legt met behulp van touw. Dit is de ruimte van het kind. de ruimte waar hij zich lekker voelt, waar het veilig is. Deze ruimte is van hem. Hij bepaalt wat daar gebeurt. Wie deze ruimte mag betreden of niet. Of dat nu echt betreden is of door te schreeuwen of op een andere manier is.

Het kind of jongere gaat in de cirkel van touw staan. stevig staan. In de cirkel kan je veilig ademen in en uit. Zodra het kind goed stevig staat en ontspannen is. Beweeg ik met mijn voet of hand het touw naar binnen en let op de reactie. Als het kan zet ik een stap in de cirkel en let dan weer op de reactie. De reactie bespreken we. wat ging goed? Wat zou je willen leren? Dat gaan we oefenen.

De grens tussen ouder en kind kan je duidelijk maken met een lijn van afplaktape of twee touwcirkels waar ouder en kind in gaan staan. Wat gebeurt er als kind in de cirkel  of over grens van ouder heen stapt en andersom. Vaak zie je het spreekwoordelijke lampje gaan branden als ze voelen hoe dat is. Nog nooit zijn ze zich zo bewust geweest van het feit dat je over iemand zijn spreekwoordelijke lijn gaat en hoe dat voelt voor jezelf, maar ook voor die ander.

Ook in een klas kan je dit ook heel mooi zichtbaar maken als er kinderen last hebben van elkaar. Wat is iedereen zijn of haar grens? Door te voelen en ervaren wordt het begrip voor elkaars grens groter.  Maar ook je eigen grenzen leer je beter te begrijpen en te voelen. Grenzen worden bepaald door je gevoel en het is belangrijk dat je daar naar luistert. Ga maar eens op zoek wat jouw grens is en hoe jij deze bewaakt. Ik hoor het graag.

 

 

 

Huppelen

Onlangs was er een item op de radio wat ging over huppelen. De vraag was of je ooit iemand boos had zien huppelen? Nee?! Ik ook niet. Als ik een kind over straat zie huppelen of een moeder met haar kind zie huppelen over het schoolplein, krijg ik meestal een glimlach op mijn gezicht. Je huppelt als je blij bent en van huppelen word je blij.

Dus toen mijn zoon boos thuis kwam, omdat een klasgenoot het weer eens nodig vond hem  met een of ander scheldwoord te betitelen en hij behoorlijk boos begon te schreeuwen dat hij er klaar mee was. Zei ik heel kalm: “Ik ook!. Zullen we huppelen?”

Hij keek me met open mond aan. Even dacht ik dat hij nog bozer’ zou worden, maar opeens zag ik iets in zijn houding veranderen. “Huppelen?!”, vroeg hij, “Ik ga toch niet huppelen, hoe kom je daar nou bij?”.  Ik antwoordde kalm:”Heb jij wel eens iemand boos zien huppelen?”Zijn antwoord was meteen heel stellig: “Nee!”.

Waarop ik zei: “Nou dan kan je net zo goed huppelen als je boos bent, dan zakt de boosheid het snelst.” Hij keek me even aan of ik gek geworden was. Zuchtte diep, haalde zijn schouders op en pakte mijn uitgestoken hand. En we huppelden door ons huis. De boosheid verdween.

Dus de ideale oplossing voor  als je boos bent….Ja,  echt huppelen!

Papa is dood

Zeven jaar oud was ze toen ze nietsvermoedend naar beneden liep. Niet wetende dat zodra ze de deur van de woonkamer binnen ging haar leven voor altijd  veranderd zou zijn. De zon danste door haar haren terwijl ze de trap afdaalde. Misschien zong ze wel een liedje. Ze wist het niet meer. Het was een mooie zonnige dag in april.  Het was weekend, dus ze moest niet naar school. Een heerlijke dag om vrij te zijn.

Ze opende de deur. Daar zaten haar zussen met een tante op de bank. Ze voelde een kriebel door haar lijf gaan. “Waar zijn mama of papa”, vroeg ze? Haar zussen keken om en zeiden dat papa en mama boodschappen aan het doen waren en dat tante er was om even op hun te passen. Het meisje vond het vreemd. Het klopte niet. Als mama boodschappen deed,  kwam er nooit een tante. Die kriebelende tintel bleef. Het onbestemde gevoel dat er iets niet klopt, dat mensen om je heen niet eerlijk zijn.

De deur ging opeens open. Mama kwam binnen met een oom. Een andere dan die bij deze tante hoorde. deze oom was de broer van haar papa. Het meisje kreeg het koud. De zon scheen opeens niet meer. Ze keek haar moeder vragend aan, maar durfde haar vraag niet uit te spreken. dus zei ze:”Waarom is oom hier nu?”

Haar moeder kwam naar haar toe, gaf haar een hand en zei:”Kom even mee, ik moet even met je praten.”Samen gingen ze op het grote bed zitten van papa en mama. Het meisje wist wat ging komen. nog voor haar moeder de woorden echt uitsprak; “Papa is dood”.

Het meisje stond op, ging weer zitten. Haar moeder sloeg haar armen om haar heen en wilde haar troosten. Het meisje voelde een eenzame traan over haar wang biggelen en die veegde ze boos weg. “Niet huilen” dacht ze. ze voelde pijn in haar borst. Alsof ze geen adem kon halen en er een stuk uit haar lijf gehaald werd. Haar keel deed pijn. Ze werd door en door koud, alsof ze het nooit meer warm zou krijgen. Terwijl ze steeds dacht”niet huilen, niet huilen”.  Ze stond op en liep de kamer uit. Ze ging spelen.

’s Ochtends wakker worden als kind  en dan horen dat je vader er niet meer is. Dat die heel onverwachts ’s nachts is overleden, is voor een kind heel moeilijk te bevatten. Zeker als je zoals dit meisje geen afscheid hebt kunnen nemen en je je vader ook niet meer hebt gezien en je ook niet mee mocht naar de begrafenis of crematie. Dat kan bij een kind voor problemen zorgen in de rouwverwerking. De dood is onderdeel van het leven. Hoe graag we onze kinderen ook willen beschermen tegen verdriet en pijn. Het is goed om ze te leren dat bij het leven ook de dood hoort. Hoe kinderen met rouw omgaan, is anders dan wij volwassenen dat doen. Zorg voor goede begeleiding als iemand overlijdt, zodat iedereen op zijn of haar manier kan rouwen.

 

Grenzen stellen

Duidelijke grenzen geven een kind zekerheid. Daar voelt hij of zij zich beter bij en daar functioneert hij ook beter op. Dat draagt dus bij aan het zelfvertrouwen. Het is dus belangrijk de grenzen duidelijk en helder aan te geven. Vergeet niet dat nee ook een antwoord is.

Lastig of vervelend gedrag van een kind heeft een oorzaak. Er zit een behoefte, wens, verlangen of emotie achter. Het is een roep om aandacht. Kijk goed naar je kind. Onacceptabel gedrag hoef je niet te accepteren en mag je corrigeren. Dat kan  op een positieve manier.”Je slaat je broer, dat doet pijn. Wij doen elkaar geen pijn. Als je het ergens niet mee eens bent, dan zeg je dat met woorden”.
Als jij dit zo doet, zal je zien dat kinderen het na gaan doen.

Spreek een kind altijd aan op zijn gedrag en niet op de persoon!!
Wat hij doet is fout, niet hijzelf, dus zeg: “Jij doet nu gemeen in plaats van jij bent gemeen”.
Laat oudere kinderen zelf meedenken over een consequentie. Zoals welke afspraken horen bij gezellig eten aan tafel of op tijd in bed liggen? Laat ze ook meedenken over de consequenties als ze de afspraken niet nakomen.

Draai de rollen eens om. Vraag aan ze hoe zij het zouden vinden als jij dat zou doen. Of als een vriend of vriendin  dat bij hem of haar zou doen. Vaak als ze zich verplaatsen in de ander, merk je dat er meer begrip is. dat ze de grens beter begrijpen en serieus nemen. Probeer het maar eens.

Opvoedtip

Schrijf elke dag drie positieve dingen in een schrift. Een knuffel van je kind, een compliment, dat lekkere broodje, die glimlach of knipoog.
Het mag van alles zijn. Kleine dingen die je blij maken.
Doe het zelf en doe het met je kind.
Laat hem of haar drie positieve dingen opschrijven en bespreek ze met hem of haar aan het eind van de dag.
Na een tijdje merk je dat je elke dag op een positieve manier eindigt.

Daarnaast zorg je ervoor dat je aan de leuke dingen denkt en die ook benadrukt, zodat de minder leuke dingen naar de achtergrond verdwijnen. Je kind leert op die manier de dag positief te eindigen.  Je kind leert kleine dingen meer te waarderen en onthoudt de leuke dingen beter dan de minder leuke dingen van die dag.

Cadeautje voor jou!

Nnee is ook een antwoordee zeggen mag, maar is soms zo moeilijk. Om je er aan te herinneren dat je nee mag zeggen deze poster voor jou!

Print hem uit, hang hem op en zeg af en toe eens nee. Als het lukt, voelt dat zo goed, echt!!!! En hoe vaker je het doet, hoe makkelijker het wordt.

Nee is ook een antwoord poster.